Scholen in Nederland zouden werk kunnen gaan maken van fondsenwerving. Dit extra geld zou de kwaliteit van het onderwijs ten goede komen. Dat bepleit Theo Schuyt, hoogleraar filantropische studies aan de Vrije Universiteit in Amsterdam, in het Nederlands Dagblad.
Zijn pleidooi is natuurlijk niet nieuw: zijn Vrije Universiteit werd opgericht én lang onderhouden door een grote en betrokken (gereformeerde) achterban, onder aanvoering van Abraham Kuyper.
Schuyt dicht de scholen grote kansen toe bij fondsenwerving: de betrokkenheid van Nederlandse burgers, fondsen en bedrijven bij maatschappelijke doelen is groot. En bovendien: Nederland was nog nooit zo rijk. Een deel van dat geld gaat naar collectieve doelen zoals het onderwijs, aldus Schuyt.
Ik ben het van harte met hem eens. Juist scholen hebben een grote kans op het opbouwen van een trouwe (particuliere) achterban. Willen mensen ergens bij betrokken zijn, dan moet er sprake zijn van emotie, urgentie en relevantie. Scholen bieden dat allemaal.
Bijna iedereen heeft een emotionele band met zijn of haar vroegere school. Wie is er niet minstens één keer in z’n leven nog eens langsgefietst? En reünies worden vaak goed bezocht. Emotie volop, dus. Dat geldt ook voor urgentie: op scholen is altijd tekort aan geld, en het is duidelijk dat de kwaliteit van het onderwijs écht omhoog kan gaan met meer geld. Aan relevantie ook geen gebrek: scholen doen ertoe, en jouw school-van-vroeger doet er zéker toe. Of de school van je (klein)kinderen.
Waar het aan mist is de actie van scholen: verreweg de meeste scholen doen niet of nauwelijks aan fondsenwerving. Terwijl er volop kansen zijn bij oud-leerlingen, ouders én grootouders. Ik ben benieuwd welke scholen in de komende periode de handschoen oppakken…
