In een vorige blog heb ik uitgelegd waaraan een goede fondsenwervende brief moet voldoen én hoe onderstrepingen werken. Vandaag een andere kwestie: waar vraag je eigenlijk om?
De meeste brieven die ik krijg vragen om ‘steun’. Of: ‘een gift’. Voor een meisje uit Afrika, een vertaalproject, onderzoek of wat dan ook. Het blijft vaak bij algemeenheden.
Dat versterkt het gevoel van de ‘grote pot’. Mensen snappen best dat jouw doel belangrijk is, maar willen niet dat hun geld in die pot verdwijnt. Ze willen écht van betekenis zijn. En snappen wat hún bijdrage betekent.
Ooit bedachten we als fondsenwervend team de geiten en de kippen. Als concreet voorbeeld van hoe mensen in Afrika geholpen kunnen worden. Door ze een kip (5 euro) of een geit (35 euro) te geven. Het bleek een doorslaand succes. Mensen belden zelfs om te vragen hoeveel kippen we nog nodig hadden!
Kan dat ook bij jouw doel, de giftvraag heel concreet maken? Ik daag je uit, het kan namelijk bijna altijd. Van groot belang is: zorg ervoor dat mensen het snappen, dat het tastbaar is. Of zelfs aaibaar (nou ja, een kip…).
Ook belangrijk: varieer bij de keuze van je ‘producten’ in hoogte van bedragen. Bied iets goedkoops aan, iets duurs en iets daar tussenin. De meeste mensen kiezen niet voor het goedkoopste, en ook niet voor het duurste. Probeer daarmee een beetje te sturen.
Ja, dit betekent misschien dat je een heel ander type brieven moet schrijven. Oeps, dat is niet altijd makkelijk. Mijn uitdaging is: probeer het. En kijk of het werkt. Succes!
P.S. Hulp nodig bij het bedenken van jouw ‘kip’ of ‘geit’? Ik help je graag. Neem contact op, dan praten we verder!
